Skip to content

Angelique

Het zou een mooi jaar worden. Het was Hemelvaart 2006 en Marcel, mijn vriend, en Luc, onze zoon van 2,5 jaar, verhuisden van Rotterdam naar Haarlem. Met in mijn buik onze Joep.

We verhuisden naar een nieuwbouwwoning in een kleine nieuwe wijk met 120 woningen. We waren de eersten die er gingen wonen. Dat was best raar. We voelden ons net de opzichters van het terrein met al die bouwvakkers die fase 2 en 3 nog moesten afbouwen. Daarnaast kwamen deze bouwlieden nog regelmatig bij ons binnen om de 40 opleverpunten af te werken. De verhuizing ging goed en na het weekend ging ik samen met Luc op maandagmiddag naar de verloskundige hier in Haarlem voor een kennismakingsgesprek en controle. Het was een prettige kennismaking. Na 3 kwartier zei ze, ik zal het nooit vergeten: ‘‘En oh ja, nog even naar het hartje luisteren’’. Ik installeerde mij op haar tafel en zij pakte haar spullen om naar het hartje te luisteren. Na enkele minuten liep ze rood aan en vroeg wanneer ik voor het laatst Joep had gevoeld. Wat een rare vraag. Dat was namelijk die middag nog toen Luc aan het slapen was. Ik had nog snel even gestofzuigd voordat we naar de verloskundige gingen. Tijdens het stofzuigen voelde het alsof hij zich omdraaide waardoor ik rechtop moest gaan staan om hem een soort van ruimte te geven voor deze beweging. Dus nietsvermoedend dacht ik dat het aan haar lag en dat ze wellicht net haar opleiding had afgerond. In Rotterdam hadden we tijdens de controles geen problemen gehad. Ze zei dat ze echt geen hartslag kon waarnemen en dat we naar het ziekenhuis moesten gaan voor een echo. Toen voelde ik nattigheid. Ongerust belde ik, met Luc achterin de auto, Marcel om het bericht over te brengen. Hij kwam meteen naar het ziekenhuis. Luc werd heel fijn opgevangen en wij hebben in bijzijn van 3 specialisten 3 echo’s gehad. En iedere keer dezelfde boodschap: ‘’Geen hartslag’’. Ik was in totale paniek. Het paste niet in het plaatje. Haarlem. nieuwe start met het gezinnetje. Joep erbij. Marcel en ik 10 jaar bij elkaar. Hoe kan dat nou? Waar was het mis gegaan? Ik had hem toch nog gevoeld! Totale verslagenheid.

Door het ziekenhuis werden we fantastisch opgevangen. Want het was niet alleen dat Joep was overleden, maar we moesten ook gaan nadenken over de geboorte en het afscheid. Maar het was te veel. We konden niet meer rationeel denken. Doodmoe werden we naar huis gestuurd met een bevallingsdatum voor 2 dagen later. Woensdagochtend om 09:00 uur moesten we ons melden. Maar als we het eerder of later wilden kon dat ook. De ruimte die we kregen voelde goed. De uren en dagen daarna hebben we gehuild, gepraat, geknuffeld en heel veel gebeld met familie, vrienden, collega’s. En nietsvermoedend liep Luc daar in ons huis rond. Dat lieve vrolijke mannetje met zijn blonde krullen heeft ons ons door die moeilijke periode heen getrokken. De dag erna kwam de aannemer om de keuken te plaatsen. Hij werd een onderdeel van deze scene. We vertelden hem dat we de dag erna naar het ziekenhuis gingen en terug zouden komen zonder kindje. Het gezicht van de man zal ik nooit vergeten. Wat een rare situatie.

Woensdagochtend werd ik wakker en zei ik tegen Marcel dat het zo goed was. Ik was er klaar voor om de bevalling in te zetten. Ik wilde Joep heel graag zien. Luc werd opgehaald en om 09:00 uur meldden we ons in het ziekenhuis. We werden goed voorbereid op de bevalling. Met een speciaal medicijn kon de bevalling op gang worden gebracht. Het kon wel uren duren voordat het lichaam daarop zou reageren. Gedurende de dag kwamen er verpleegsters langs om met ons te praten; om ons langzamerhand naar de volgende fase te begeleiden: het afscheid. Ik kan mij nog herinneren dat we mappen doorkeken met afscheidskaartjes. Tegen het avondeten besloot Marcel zijn tandenborstel te gaan halen zodat hij de nacht bij mij kon zijn. Maar toen hij net weg wilde gaan, begonnen de weeën. Net als bij Luc werd dit ook een hele snelle bevalling. Het was niet fijn. Je merkt dat het lichaam niet goed meedoet zoals bij een natuurlijke bevalling. Gelukkig was Joep er vrij snel en konden we hem in onze armen sluiten. Ondanks alle plekken waar zijn huid was losgelaten, was hij heel mooi! Marcel heeft hem gewassen en daarna is hij meegenomen voor een obductie. Ik ben gaan douchen. Daarna reden we met lege handen naar huis. Daar aangekomen ontmoetten we voor het eerst onze buurman. Op dat moment zit je daar niet op te wachten. Het liefst verstop je je achter de deur van je veilige huis, waar niemand vragen stelt waar je hoofd dan niet naar staat. Met alle goede bedoelingen van dien.

Donderdagochtend konden we hem weer ophalen. Vol trots legden we hem in zijn mandje en zo liepen we over straat. Achteraf voor omstanders misschien raar dat je over straat loopt met een dood kindje. Op dat moment hebben we dat zo helemaal niet ervaren. Je leeft in een hele andere bubbel. Thuis aangekomen zagen we voor het eerst onze ouders, broer, zus, schoonzus en zwager. Vol trots lieten we onze Joep zien. We hebben hem in zijn kamertje gelegd. Daar heeft hij bijna een week gelegen tot aan de dag van het afscheid. De dagen erna waren fijn. Iedere dag gingen Luc en Marcel de ijsblokken die onder hem lagen verversen zodat hij mooi zou blijven. Voor kleine Luc was dit heel gewoon. Hij vroeg dan ook regelmatig of we bij Joepie mochten kijken. Zo grappig. Vrienden van ons wilden Joep nog graag zien. Dat hadden we ons helemaal niet gerealiseerd. We hebben daarom de dag voor het afscheid een borrel gegeven. Het was heel dubbel; de mensen vonden het ook heel leuk om ons huis te zien. Zelf waren we helemaal niet met het huis bezig. Maar ja, het was nieuw en werd bewonderd. Ik kan mij herinneren dat een vriendin zei: ‘‘Mag ik ook zeggen dat je een mooi huis hebt’’. Dat was een best lastig moment voor onze naasten. De borrel was gezellig. Ik lag op de bank nog te herstellen. Onze ouders waren beneden aan de keukentafel en vrienden liepen door de woonkamer. Af en toe ging er iemand naar boven om zijn of haar moment met Joep te pakken. Dan realiseer je je hoe fijn het is om familie en vrienden te hebben.

De dag erna, 6 juni 2006, hebben we Joep in zijn mandje naar het crematorium gebracht. In de afscheidskamer bedacht ik me dat ik zijn sokjes en mutsje wilde hebben zodat ik hem daarna nog af te toe kon ruiken. De sokjes gingen moeilijk uit. Ze bleven plakken aan de voetjes. We maakten er grapjes over dat we wellicht per ongeluk een voetje zouden afrukken. Gelukkig is dat niet gebeurd. Het was wel een grappig moment. Met z’n drieën namen we afscheid. Daarna kwamen ze hem halen. Nu was het definitief en zouden we nooit meer tegen hem kunnen praten of vasthouden. Een pijnlijk moment. Dag Joep. Daar ga je. Omdat Luc nog heel klein was, hadden we bedacht om er een compleet verhaal voor hem van te maken. Want waar was Joep nu naartoe? We hadden bedacht om direct na het crematorium naar het strand te gaan en Luc te vertellen dat Joep naar de lucht was gegaan. Dat vond Luc aannemelijk. Voor ons was het meteen een fijn moment om uit te waaien.

Ieder jaar op 6 juni gaan we naar het strand en hebben we de eerste 10 jaar een ballon opgelaten. Een ballon met teksten en tekeningen voor lieve Joep. 3 jaar geleden besloten we met z’n vieren, want inmiddels is onze dochter Juul in 2009 erbij gekomen, om dat niet meer te doen en gaan we alleen nog naar het strand om met elkaar een hapje te eten. Herinneringen ophalen of gewoon met elkaar zijn. Dat blijft een speciaal moment die we allemaal koesteren.

Het verlies van je kind kost jaren voordat je daarmee om kan gaan. Het is allemaal heel verdrietig, maar inmiddels kan ik inzien dat het mij en ons ook veel heeft gebracht. Het maakt je op een bepaalde manier sterker en daar put je ook weer kracht uit. Het is voor mensen die dit niet hebben meegemaakt niet voor te stellen wat je doormaakt tijdens zo’n heftige gebeurtenis. Daarom stel ik me graag open voor mensen die behoefte hebben om met mij in contact te komen om ervaringen te delen, advies, een babbel of simpelweg alleen die schouder. Via Jasper kun je mijn contactgegevens opvragen.